Fotoalbum en familieverhaal van Houwina Hofman-Mennema

Op onderstaande foto staan Jan Douwes Minnema en Martje Jouksma.
Zij zijn mijn overgrootvader en moeder. Jan Douwes Minnema is de broer van Douwe Minnema die in het verhaal van Gerry de Zwart wordt beschreven. Hij wilde kennelijk wél op de foto.

Jan Douwes Mennema en Martje

Jan Minnema is geboren in Niawier op 8 juni 1857 en overleden op 17 december 1921 te Niawier. Hij trouwde 26 juni 1890 op 33 jarige leeftijd met Martje Jouksma, geboren op 11 augustus 1870 te Oosternijkerk en overleden op 20 mei 1931 te Niawier. Samen kregen ze 4 kinderen waarvan er één maar 1 dag geleefd heeft. De oudste van de vier kinderen was mijn grootvader Jan Mennema. Ik denk dat mijn overgrootvader een schrijffout heeft gemaakt met het aangeven van zijn zoon op het gemeentehuis want wij heten nu Mennema en niet meer Minnema.

Mijn grootvader is geboren op 17 januari 1892 te Niawier en overleden op 20 januari 1975 te Niawier.

Hij is getrouwd op 10 mei 1917 met mijn grootmoeder Jeltje de Vries geboren op 19 mei 1895 te Oenkerk en overleden op 7 juni 1973 te Dokkum.

jan mennema en jeltje de vries Dit zijn mijn grootouders Jan Mennema en Jeltje de Vries.
Het derde kind een dochter Menke is aan kanker overleden op 52 jarige leeftijd.Zij is nooit getrouwd geweest en verdiende de kost met het venten van petroleum. Mijn grootouders kregen 2 zoons. Mijn vader Jan en mijn oom Foppe.
Martje en kleinzoon Jan Mijn overgrootmoeder Martje met mijn vader Jan
Jeltje Mennema en zoon Jan Mennema Mijn grootmoeder Jeltje met mijn vader Jan
Jan Mennema Mijn vader als klein jongetje
huisje jan en jeltje en het huis waar mijn grootouders woonden in Niawier.
huis walda Als kleine meisjes gingen mijn zusje en ik vaak te logeren bij pake en beppe. Ik ging dan heel veel met pake te vissen. In het hok voor het huis werden de maden gekweekt en soms werd heel Niawier van paling voorzien. Ik ging dan met pake achter op de brommer. Mijn zusje bleef dan bij beppe te handwerken.
Mijn vader heeft het bakken geleerd bij bakker Walda en werkte daar dus ook. Later werd hij zelf bakker in Hantumhuizen.Een foto van bakkerij Walda met van links naar rechts bakker Walda en zijn vrouw, Jan Walda, Jan Mennema. De vier meisjes waren nichten van Jan Walda die daar logeerden. De foto is waarschijnlijk gemaakt vlak na de oorlog toen mijn vader bij bakker Walda werkte.
Het huis stond aan de Auck Doniastrjitte daar waar nu huis nummer 16 staat en had een voor en een zijdeur, maar de voordeur werd nooit gebruikt. Aan de achterkant van het huis was een grote kamer met 2 bedsteden. In één van deze bedsteden sliepen mijn zusje en ik als we bij hen waren te logeren.  Deze kamer werd alleen gebruikt bij verjaardagen e.d.
Een aanrecht was er niet laat staan een badkamer, dus kwam er ‘s morgens een teiltje met water op tafel en konden we ons daarmee wassen. Het huis bevatte maar 1 kraan en die was in de gang. Daar moest dan een teiltje onder voor de drup. In de kleine kamer aan de voorkant van het huis zaten mijn pake en beppe elk op hun eigen vaste stoel. Een keuken was er ook niet. Er waren 2 kleine vertrekjes . Eén voor opslag van de pannen e.d. en in de andere kookte mijn beppe op een 2 pits gasstel en/of petroleumstellen. Daar kon precies 1 persoon staan. In het kleine vertrekje waar je als eerste in kwam door de zijdeur werd ‘s maandags gewassen en overdag stond er een teiltje waar je je handen in kon wassen voor het eten. Ook na het eten werd er op de tafel afgewassen met groene zeep.  In een metalen klopper werd de zeep in het water geklopt. In de kleine kamer aan de voorkant was 1 bedstee waar pake en beppe sliepen en van de andere bedstee was een kast gemaakt.
Er werd gestookt met briketten, cokes of antraciet in zo’n zwarte ronde kachel met een lange pijp. Dat gaf meer warmte.
Het toilet (een tonnetje met deksel) was in een bergruimte naast de gang. Je moest de deur naar die bergruimte openlaten staan zodat de mensen je niet konden zien zitten door het kleine raampje naast de voordeur vanaf de weg.
Boven was een grote zolder waar allerlei spullen werden opgeborgen.
In het hok voor het huis werd na het overlijden van mijn pake’s zuster Menke petroleum opgeslagen en dat werd dan door mijn pake uitgevent. Ook hielp mijn oom Foppe hem daar wel eens bij.
huis Menke Mennema Het huis van Menke Mennema aan het Linepaed.
Foppe Mennema Foppe Mennema
Menke Mennema Menke Mennema
Douwe Mennema en haar broer Douwe Mennema
grafsteen Jan Mennema, Martje Jouksma en  dochter Menke Grafsteen van mijn overgrootouders Jan Douwes Mennema en Martje Jouksma en hun dochter Menke Mennema.
 jan mennema en baukje minnema  Een trouwfoto van mijn ouders Jan Mennema en Baukje Minnema
Foppe Mennema en Geertje Elgersma Een trouwfoto van mijn oom en tante Foppe Mennema en Geertje Elgersma
Niawier 1925 Niawier 1925: 2de rij 1ste van links met zwart truitje is Jan Mennema.
Niawier 1932

Niawier 1932

Foto van 1932 van links naar rechts bovenaan:

1ste rij: Meester de Haan, Aaltje de Vries, Anne de Vries, Reinder Prins, Aaltje Minnema, Pieter Minnema,  Haaye Minnema, Gooitzen Minnema, meester Thomas Minnema,

2de rij: Berber Prins, Baukje Minnema, Klaas Minnema, meester v.d. Mark, ? Postma, Marha Postma, Doet Postma, ? v.d. Vinne, ? v.d. Vinne,

3de rij: Rika Prins, Stijntje Sytsma, Jitske Sytsma, Trijntje Wijma, Jantje Postma, Ina v.d. Woud,  ?

4de rij: Sybren Sytsma, Jelle Hoeksma, Tjip Wijma, Wietse van der Woud.​

Niawier 1938

Niawier 1938

Foto van 1938 van links naar rechts bovenaan:
1ste rij: Foppe Mennema, Gerrit Katsma, Gosse Braaksma.2de rij: Meester Ellens, Griet Visser,  zoon van Harmen Minnema?, Rinske Katsma, Afke Braaksma, Tjip Wijma, Rinse Weidenaar, Meester de Vries.3de rij: Cornelia Postma, Rika Prins, Bote Groen, Aaltje Groen, Baukje Minnema, Trijntje Weima, Jeltje Weidenaar, Juffrouw Corrie.

4de rij: Anne Groen, Willem Groen, meester v.d. Mark, Griet Allema, Sietske Weidenaar, Aaltje v.d. Schaaf, Aukje Bos.

5de rij: Tine Streekstra, Ytje Jelsma, Aukje v.d. Meulen.

6de rij: Willem Prins, Jelle Jelsma, Klaas Streekstra, ? Bert Allema, ? ?.

Ingezonden door: Houwina Hofman-Mennema